Het gebruik van fossiele brandstoffen was in Nederland vorig jaar 26 procent lager dan in 2000. Vooral kolen en gas worden minder verstookt. Dat blijkt uit cijfers van statistiekbureau CBS.
Bedrijven en huishoudens gebruikten afgelopen jaar 2.620 petajoule energie. Dat is 3 procent minder dan het jaar ervoor en 17 procent minder dan aan het begin van deze eeuw.
Destijds was gas nog de belangrijkste energiebron. Maar het gebruik daarvan is sindsdien met een derde afgenomen. Vooral de laatste twee jaar is er de klad in gekomen doordat de gasprijs flink opliep en bedrijven en huishoudens daardoor zuiniger zijn geworden. Ook kozen energiecentrales vanwege het dure gas vaker voor kolen om stroom op te wekken.
Ondanks die kortstondige stijging is het gebruik van kolen in de loop van deze eeuw gehalveerd. Dit komt doordat er steeds meer windmolens en zonnepanelen in Nederland worden geplaatst. Inmiddels is het kolengebruik lager dan ooit deze eeuw.
Olie hield het verlies redelijk beperkt. Daarvan verbruikten we vorig jaar slechts 6 procent minder dan in 2000. Daardoor is olie nu de belangrijkste energiebron voor Nederland. 37 procent van het totale verbruik bestaat uit olie en olieproducten zoals benzine of diesel.
Waar fossiel is gedaald, zit duurzame energie de laatste decennia in de lift. Sinds de start van deze eeuw steeg het verbruik van groene energie vrijwel elk jaar. Inmiddels gebruiken we in Nederland 378 petajoule hernieuwbare energie. Dat is vijf keer zoveel als in het jaar 2000 en is goed voor 14,4 procent van ons totale energieverbruik.
Huishoudens hebben hun stroom- en gasverbruik in de voorbije 23 jaar met maar liefst 30 procent kunnen terugdringen. Verduurzaming van woningen heeft daar veel aan bijgedragen. Ook de hoge gasprijs en de zachtere winters hielpen een handje.
Wel blijkt dat Nederlanders wat meer benzine nodig hebben. Diesel liep daarentegen fors terug, met 22 procent. Dit komt niet alleen doordat er minder auto's op diesel rijden, maar ook doordat veel vrachtwagenchauffeurs hun tank volgooien in het buitenland waar ze dat in het verleden vaker in Nederland deden.
Source: Nu.nl economisch