Home

Calcio Massimo, in het land waar voetbal wordt gegeten en gedronken wint Italië natuurlijk het EK

Een paar kilometer buiten Firenze ligt een speeltuin waarnaast enkele uren eerder een voetbalwedstrijd van de lokale FC is gespeeld. De zon is al verdwenen achter glooiende wijngaarden en de hitte van de dag heeft plaatsgemaakt voor wat voelt als een Italiaanse digestivo met een zelfgerolde sigaret in de hand. De barbecue brandt en bier en wijn vloeien, terwijl spelende kinderen, van wie de bedtijd al voorbij is, worden overstemd door jonge maschi met diamanten oorbellen en keurige gentiluomo die discussiëren over calcio e tattica, voetbal en tactiek.

Mijn vriend draagt een AC Milan-shirt met Van Basten op de rug en wanneer we langslopen wordt er geroepen en gewezen. Leunend op zijn wandelstok vliegt een oudere man, Stetson op het hoofd en vlinderdasje om, overeind uit zijn plastic tuinstoel. Hij glimlacht. De jongen naast hem, gekleed in het paars van Fiorentina, schudt zijn hoofd. Florentijns grondgebied, geen Milaan. Hij is de enige. Het shirt kan eerder op respect rekenen. ‘San Marco’, zo begroet een van de jongens ons. ‘Vieni qui, come come.’

Over de auteur
Danielle Kliwon is gastcolumnist tijdens het EK.

Zijn naam is Massimo – Maximus – en hij is 17 jaar oud. Geboren en getogen in Tavarnelle, en al sinds hij zich kan heugen fan van Fiorentina. Maar San Marco, natuurlijk kent hij die. Met handen en voeten en glinsterende ogen ratelt hij namen van voetballers van weleer op, sneller dan ik ze me kan herinneren. Ik spreek geen Italiaans en hij alleen gebroken Engels, maar met Giuseppe Meazza, Roberto Baggio en Giancarlo Antognoni hebben we onze gemeenschappelijke taal.

Hij noemt Seedorf en Gullit, ik pareer Francesco Toldo en Sofyan Amrabat. Bij die laatste naam trekt hij zijn telefoon uit zijn zak. Hij laat een foto van zichzelf zien waarop hij het thuisshirt van Fiorentina draagt met op de rug de naam van Amrabat. ‘Sofyan is 100’, vertelt hij me.

Dat de hoogtijdagen van Fiorentina ondanks het succes in de Conference League in het verleden liggen, wil hij niet horen. En ook de transfer van Amrabat naar Manchester United deert hem niet. ‘Hij heeft zoveel voor de club betekend.’ Wat exact, dat kan hij me niet uitleggen, daarvoor is onze gemeenschappelijke taal niet toereikend. Maar de blijdschap in zijn ogen en de trilling in zijn stem zeggen genoeg.

Hij scrollt door zijn afbeeldingengalerij, foto’s van Massimo met meisjes in korte rokjes en met zijn vrienden stoer kijkend in de camera, maar bovenal voetbalshirt na voetbalshirt. Federico Chiesa, Giacomo Raspadori, gli Azurri. Italiaanse trots. Hij twijfelt er niet aan dat Fiorentina ooit weer aan de top van het Italiaanse voetbal staat. En dat Italië het EK wint, is volgens Massi een voldongen feit.

Zijn enthousiasme werkt aanstekelijk, zijn vertrouwen biedt hoop. Er is iets bovenzinnelijks in de manier waarop mensen hier voetbal beleven, iets dat tot de verbeelding spreekt en inspireert. Iets dat een half dorp tot diep in de nacht naast een voetbalveld houdt. Het geloof en het gevoel dat ze de besten zijn. Calcio Massimo. Groots.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next