Home

Stort Macron de euro in een nieuwe crisis? Financiële markten zweten peentjes

‘De euro is geen munteenheid. Het is een politiek wapen dat landen dwingt om het door Brussel vastgestelde beleid uit te voeren en ze aan het lijntje te houden’, zei Marine Le Pen in 2017.

Sinds zij in dezelfde euforie van de overwinning verkeert als Ronald Koeman, zweten de financiële markten peentjes. Vorige week kelderde de koers van de euro ten opzichte van alle belangrijke munten in de wereld, waaronder de dollar, zelf ook al geen toonbeeld van een sterke munt. Maar gevaarlijker nog is dat het renteverschil - de spread - tussen Franse en Duitse staatsleningen opliep tot meer dan 80 basispunten, 0,8 procentpunt. Op de Duitse tienjarige lening is het rendement nu 2,423 procent en op de Franse 3,174 procent. Dat is het grootste verschil sinds de eurocrisis van 2012. Het duidt erop dat beleggers hun Franse obligaties inruilen voor Duitse. Er is grote vrees voor hogere schulden en mogelijke verlaging van de ratings van kredietbeoordelaars.

President Emmanuel Macron kondigde na het desastreuze resultaat van zijn partij bij de Europese verkiezingen plotsklaps landelijke verkiezingen aan die niet alleen politiek, maar ook economisch fataal kunnen uitpakken. Doemdenkers voorspellen een volgende eurocrisis als Rassemblement National wint en de nieuwe premier levert.

Als ze gelijk krijgen, zou er een crisis ontstaan die veel gevaarlijker is dan die van tien jaar geleden. Het zijn dan immers niet de lidstaten in de periferie van Europa die de muntunie in gevaar brengen door enorme schulden en tekorten. Dit keer dreigt de as zelf te breken. Weliswaar wil Le Pen de EU noch de eurozone verlaten, maar ze wil die wel van binnenuit radicaal hervormen. Zoals een diplomaat zei: ‘Ze wil in de bus blijven maar die richting de afgrond sturen.’ In plaats van te bezuinigen, moet meer geld worden uitgegeven, terwijl de Franse staatsschuld al is opgelopen tot 112 procent van het bbp; 3.000 miljard euro.

Een eurocrisis met het woord Frexit als crux zal de muntunie niet kunnen overleven. Het is onvergelijkbaar met die van tien jaar geleden, met de dreigende Grexit. Toen konden ECB-president Mario Draghi (met zijn toverformule ‘Whatever is takes’) en Angela Merkel (met haar machtige economie) de crisis bezweren. Er kwam geen Grexit en daarmee ook geen domino-effect waarbij na Griekenland andere zwakke eurolanden de muntunie zouden moeten verlaten.

Maar tien jaar later liggen de kaarten anders. De Duitse economie is veel zwakker en de huidige bondskanselier Olaf Scholz heeft niet de autoriteit van Mutti Merkel. Ook is te betwijfelen of een Whatever it takes van Christine Lagarde de speculanten nog in het gareel kan krijgen nu de ECB al biljoenen aan schuldpapier op de balans heeft staan. En in tegenstelling tot de toenmalige Griekse premier Tsipras heeft Le Pen ook medestanders: Orbán, Meloni, Wilders.

Op Macron als reddende engel hoeft Europa niet te rekenen. Ooit zei hij fatalistisch: ‘Als de mensen niet meer in de EU en de eurozone geloven, dan moeten die worden ontmanteld.’

Het zou een echo van Le Pen kunnen zijn.

Over de auteur
Peter de Waard is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next