Home

Kunnen de miljardenverliezen van box 3 verhaald worden op Willem Vermeend?

Op 10 april 2000 werd de fiscalist van de 20ste eeuw gekozen. Winnaar werd de voormalige PvdA-minister Henk Hofstra, die minister van Financiën was geweest in het vierde kabinet-Drees (1956-1958). Hij had tijdens de Tweede Wereldoorlog het standaardwerk Socialistische belastingpolitiek geschreven, waarin hij pleitte voor hoge belastingen op luxeproducten, eigen woningen, onbebouwde gronden, beleggingen en bedrijfswinsten.

Maar op dat moment van de verkiezing had het rode belastingevangelie al plaatsgemaakt voor het paarse. Hoewel de nieuwe 21ste eeuw nog geen 4 maanden oud was, was er een jonge staatssecretaris – Wouter Bos – die riep dat de fiscalist van de nieuwe eeuw ook al bekend was. Dat zou Willem Vermeend zijn, zijn voorganger en een van de polderboys die de PvdA opnieuw had gekleurd. Vermeend was de bedenker van de lumineuze vermogensrendementsheffing in belastingbox 3. Deze heffing zou een einde moeten maken aan het ontwijking van de vermogensbelasting door ‘Nederbelgen’ en anderen die hun kapitaal in een ver oord hadden weggemoffeld.

Over de auteur
Peter de Waard is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Bos voorspelde dat in twintig jaar de vermogensrendementsheffing in heel Europa zou zijn ingevoerd. ‘En dan is er geen discussie meer mogelijk wie de fiscalist van de eeuw moet worden.’

De vermogensrendementsheffing betrof een tarief van 30 procent, gerekend over een fictief rendement van 4 procent op spaargeld en beleggingen. De kritiek op dit fictieve rendement van 4 procent was toen vooral dat dit te laag was, niet te hoog. Box 3 werd een ‘pretbox’ genoemd – een eldorado voor kapitalisten. Dat veranderde nadat de kredietcrisis werd opgevolgd door een reeks renteverlagingen. De ‘pretbox’ werd voor tegen de klippen op sparende Nederlanders een ‘martelbox’. De Bond van Belastingbetalers diende namens 60 duizend spaarders een massaclaim in.

In wat het roemruchte kerstarrest van 2021 zou worden, oordeelde de Hoge Raad dat een heffing op niet genoten rendement in strijd was met het eigendomsrecht zoals vastgelegd in het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens. Staatssecretaris Marnix van Rij (Fiscaliteit) doet nu al twee jaar verwoede pogingen tot puinruimen, waarbij hij elke keer de paarse fiscale ruïne vergroot; de rekeningen lopen sneller op dan in de toeslagenaffaire.

Zo heeft hij al 4 miljard euro moeten betalen aan de 60 duizend spaarders die bezwaar hadden aangetekend tegen het te hoge fictieve rendement in de periode 2017 tot en met 2020. Mogelijk komt daar nog eens 4 miljard bij bedoeld voor spaarders die dat hadden nagelaten, maar onder het motto ‘gelijke monniken, gelijke kappen’ nu ook hun geld terug willen. Over die gevallen doet de Hoge Raad in 2025 uitspraak. En nu krijgen ook beleggers nog eens 4 miljard terug over te veel betaalde belasting op niet genoten rendement tussen 2021 en 2023. De rekening van box 3 kan zo oplopen tot 12 miljard euro – voldoende om honderd volledig geoutilleerde ziekenhuizen van te bouwen.

Misschien biedt het rode belastingevangelie van Hofstra aanknopingspunten om dekking voor de paarse miskleun te vinden. De eerste claim mag Van Rij leggen bij de gedoodverfde fiscalist van de 21ste eeuw.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next