Onder het toeziend oog van legendes als Giacomo Agostini en Valentino Rossi maakten de MotoGP-rijders zich op zaterdagmiddag op voor hun eerste race van de Italiaanse Grand Prix: de sprintrace. Jorge Martín verzekerde zich eerder op de dag met een ronderecord van de beste uitgangspositie voor de race over elf ronden. Francesco Bagnaia en Maverick Viñales voegden zich bij de WK-leider op de eerste startrij, met Marc Márquez op de vierde plaats. Zij stonden, net als alle rijders achter hen, op de medium voorband en de zachte achterband toen de startlichten kort na 15.00 uur doofden.
De fabrieksrijders van Ducati kwamen uitstekend van hun plek bij de start, waarbij Bagnaia de leiding pakte voor teamgenoot Enea Bastianini, Martín en de vanaf P13 vertrokken Brad Binder. Die posities zouden niet lang zo blijven, want in bocht 12 wist Martín zich al langs Bastianini te knokken om de tweede plek over te nemen. Op start-finish verwees Márquez Binder weer naar de vijfde positie door hem op topsnelheid te passeren. De openingsronde verliep daarbij zonder incidenten, maar in de daaropvolgende ronde ging het wel mis. Miguel Oliveira en Fabio Quartararo kwamen elkaar tegen in bocht 10, waardoor beide rijders onderuit gingen en uitvielen.
Bij het ingaan van de derde ronde zette Bastianini intussen de tegenaanval in bij Martín, waardoor de Italiaan ietwat wijd ging in de eerste bocht. Martín wilde daarvan profiteren, wat eveneens tot contact leidde. Bastianini ging hierdoor tegen de vlakte en zou uitvallen, terwijl de stewards na een onderzoek bepaalden dat het hierbij om een race-incident ging. Het bracht Márquez naar de derde positie en in positie om de jacht op Martín te openen, wat in de vijfde ronde tot een eerste duel eindigde. De Pramac-rijder wist deze aanval nog af te slaan, maar een ronde later bleek Márquez toch een maatje te groot. Acosta en Franco Morbidelli waren in de tussentijd al langs Binder gegaan, die het tempo vooraan niet helemaal kon volgen.
Dat gold ook voor Martín, die Bagnaia en Márquez langzaam maar zeker weg zag lopen en Acosta steeds dichterbij zag komen. Tot een gevecht om het laatste podiumplekje in de sprintrace zou het echter niet komen, doordat de WK-leider in de achtste ronde in de eerste bocht crashte en voor het eerst een uitvalbeurt noteerde in een korte zaterdagse race. Het was bovendien zelfs de eerste keer dat Martín geen punten scoorde in een sprintrace. Vooraan had Bagnaia nog altijd een marge van een ruime seconde richting achtervolger Márquez, al deed de Gresini-rijder er alles aan om zijn achterstand weg te poetsen.
Dat lukte niet, waardoor Bagnaia - een week na zijn crash in de laatste ronde van de sprintrace in Catalonië - voor eigen publiek een sprintzege boekte. Anderhalve seconde later kwam Márquez als nummer twee over de finish, terwijl Acosta het podium completeerde. Morbidelli evenaarde zijn beste sprintresultaat van het seizoen met de vierde plek, terwijl Viñales uiteindelijk nog afrekende met Binder voor de vijfde plaats. Fabio di Giannantonio eindigde als zevende, met Álex Márquez en Aleix Espargaro op de achtste en negende plek als laatste rijders in de punten. Raúl Fernández greep daar dus net naast met zijn tiende stek. Álex Rins was op P13 de beste Yamaha-rijder, Johann Zarco volgde op P15 als de beste man van Honda.
-
+1.469
1.469
+4.147
4.147
+5.421
5.421
+7.693
7.693
+8.271
8.271
+8.571
8.571
+8.846
8.846
+8.984
8.984
+10.085
10.085
+10.199
10.199
+13.988
13.988
+14.137
14.137
+18.259
18.259
+18.309
18.309
+19.374
19.374
+23.060
23.060
+24.596
24.596
+25.587
25.587
4 laps
7 laps
9 laps
10 laps
10 laps
Source: Motorsport