Dieprode rozen, witte gerbera’s, en wat chrysanten voor de vulling. De trainers en spelers van Almere City FC krijgen na afloop van de laatste wedstrijd van het seizoen allemaal een bosje bloemen, zoals dat gaat. De voetballers lopen naar de kant om het boeket aan hun geliefde of moeder te geven. Een zweterige knuffel, een kus.
Ik kijk naar de bloemblaadjes die op het veld dwarrelen omdat de bossen al een tijdje in de volle zon hebben gestaan en ik vraag me af of daar een metafoor in zit. Want waarom ben ik niet uitgelaten blij?
Mijn gedachten gaan naar de vraag waaruit deze rubriek is ontstaan. Kun je besluiten om fan te worden van een voetbalclub? Flevoland is op de tekentafel ontstaan. De nieuwe bewoners voelen zich er, op z’n zachtst gezegd, niet als vanzelf mee verbonden. Voetbal als verstandshuwelijk – val je voor de partner die je ouders aan je opdringen?
En dan stapt Ally de Aap plots op mij af. De mascotte schenkt me een van boeketten die de dierbaren langs de kant zojuist kregen. Voor ik iets kan vragen, huppelt de aap verder. Ik kijk naar het publiek om een blik van herkenning te vangen. Wie heeft hem gevraagd de bloemen aan mij door te geven?
Voetbal is een heerlijk bindmiddel gebleken. De afgelopen maanden heb ik gejuicht, geschreeuwd en gescholden als een echte fan. Ik baalde toen ‘we’ vorige week uit met 3-0 van Ajax verloren. Het verlies van 4-1 tegen NEC thuis vind ook ik geflatteerd. Ik heb er inmiddels veel lol in om dat woord uit te spreken: ‘Ge-flat-teerd.’
De dertiende plek en handhaving voelen als een overwinning. Een seizoenkaart voor volgend seizoen bemachtigen, wordt lastig. Er is een wachtlijst van tweeduizend mensen. Ik ben niet de enige die is gezwicht. Maar toch, waarom knaagt er iets aan me?
Mogelijk maak ik me zorgen over het tweede eredivisieseizoen door de data die cijferman Bart Frouws van Voetbal International doorspeelde. Almere City heeft – als enige ploeg – geen enkele zege geboekt in de laatste twaalf speelronden, toch een derde van het seizoen. Over de hele competitie heeft alleen Vitesse (30) minder doelpunten gemaakt dan Almere City (33).
En dan krijgt Almere volgend seizoen met Hedwiges Maduro een onervaren hoofdtrainer. Tegelijkertijd hoopt menig supporter dat ‘onze’ Flevolandse club mooier gaat spelen. Minder betonvoetbal, meer steekpassjes.
Daarbij vind ik het ingewikkeld dat het team waaraan ik me ben gaan hechten uit elkaar valt. Naar verluidt keren zeventien spelers niet terug. Het geeft ‘een beetje een apart gevoel,’ vindt ook middenvelder Stije Resink. Tijdens ons gesprek leg ik het bosje bloemen dat ik kreeg op het veld.
Resink vertelt dat de spelersgroep heeft geprobeerd om een gezamenlijk afscheidsfeestje te organiseren. Maar dat lukte niet, omdat de buitenlanders zo snel mogelijk naar huis willen. Nu gaan ze met een paar jongens wat eten in Amsterdam, ‘want waar moet je in Almere heen op maandagavond?’
Voorafgaand aan de wedstrijd kreeg Resink een oorkonde, omdat hij, nog geen 21 jaar, honderd wedstrijden heeft gespeeld voor Ally. Hij komt volgend seizoen toch wel terug als clubicoon-in-de-dop? Maar als ik die vraag stel, krijgt ook Resink die ik-praat-wel-maar-ik-zeg-niets-voetbalblik in zijn ogen: ‘Zoals het nu lijkt wel.’
Ik geef hem een hand, kijk nog één keer naar het stadion dat inmiddels leeg is en pak het bosje bloemen waarvan ik wel nooit zal weten wie het schonk. Er blijven wat rode blaadjes achter op het veld.
Dit was de laatste bijdrage van Eva de Vriend over Almere City
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns