Vooral de Nederlandse industrie had het moeilijk met een min van 3,8 procent, terwijl het in de bouw ook niet lekker liep. Verder droeg het terugschroeven van de gaswinning in Groningen bij aan de negatieve cijfers en hadden bedrijven nog grote voorraden. Die wilden ze eerst op maken voordat ze nieuwe goederen bestelden.
Daar stond tegenover dat de consument zijn geld wel liet rollen. We kochten vooral meer kleding, schoenen en vakanties. Ook de overheid zag zijn uitgaven stijgen.
Al met al rolde er dus een kleine krimp van 0,1 procent uit in vergelijking met een kwartaal eerder. “We zien dat de Nederlandse economie een beetje bij de nul blijft zitten”, zegt CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen. “Vooral de industrie had een heel slecht kwartaal, het slechtste in vijftien jaar, met uitzondering van één coronakwartaal.”
Vorig jaar dook de economie ook al drie van de vier kwartalen in het rood. Alleen in de laatste drie maanden was er een plus van 0,4 procent. Onze economie is nu 0,9 procent kleiner dan in het vierde kwartaal van 2022
Toch is er geen reden voor paniek, denkt Van Mulligen. “Het past in het beeld dat we al een tijdje hebben. Als de industrie de weg omhoog weer vindt, verwacht ik dat we later dit jaar weer groeien.”
Landen om ons heen deden het vorig kwartaal beter. Zo noteerden de Britten een groei van 0,6 procent, terwijl de Belgen een plus van 0,3 procent in boeken hebben gezet. Ook Frankrijk en Duitsland zagen hun economie licht groeien, terwijl het gemiddelde in de EU uitkwam op +0,3 procent.
Dat Nederland het minder deed dan andere Europese landen komt vooral door de kwakkelende industrie. Met name bedrijven die machines en vervoermiddelen maken, kregen een flinke knauw.
Source: Nu.nl economisch