Soms zijn de woorden op. Dat overkwam me toen ik deze week naar beelden keek van Tsjernihiv, waar Russische raketten op het centrum van het stadje 18 mensen doodden en meer dan zeventig mensen verwondden.
Er staan wat mensen bij een bushalte, mannen en vrouwen van middelbare leeftijd met plastic tassen. Iets verderop in de straat staat al een gebouw in de fik. ‘Waarom schieten ze op ons?’, klinkt het. Dan gefluit en een nieuwe inslag. Iedereen werpt zich plat op de grond voordat de knal komt. Daarna staan ze op, schudden de aarde van hun mouwen en lopen weg.
Tsjernihiv heeft de voorpagina’s niet gehaald, de binnenpagina’s ook nauwelijks. Gewenning en afstomping gaan hand in hand. De dag erna is het de beurt aan Dnipro. Russische raketten op het centrum. Mensen lopen verdwaasd tussen brokstukken. Rook. Een vrouw gilt wanhopig van onder het puin.
In Foreign Affairs verscheen een stuk onder de misleidende kop The talks that could have ended the war in Ukraine. Ze waren vergeten er ‘not’ tussen te zetten. President Poetin propageert actief de mythe dat Oekraïne in maart en april 2022 onder westerse druk een kans op vrede liet lopen. We volstaan hier met de reactie van geopolitiek expert Velina Tchakarova: ‘Rusland heeft nooit de echte intentie gehad een vredesakkoord te onderhandelen. De modus operandi tussen 2014-2022 is altijd geweest: aanvallen, onderhandelen, wapenstilstand, aanvallen - spoelen en herhalen.’
Rond die tijd werden ook Russische wreedheden in Boetsja openbaar. ‘Toen begrepen we dat Rusland wat er ook gebeurt zal proberen Oekraïne te vernietigen’ zegt Zelensky’s adviseur Mykhailo Podoljak in Our enemies will vanish (Penguin Press 2024) van Yaroslav Trofimov. Kort daarna gingen de eerste Amerikaanse houwitsers richting Oekraïne.
Moraal speelde een rol in de besluitvorming, zegt de Oekraïense buitenlandminister Dmytro Koeleba tegen Trofimov. ‘Sympathie gebaseerd op morele argumenten was een game changer. Sommige regeringen traden, behalve uit praktische overwegingen, op onder grote druk van hun publieke opinie.’
Maar de verdediging tegen Russische agressie kan niet alleen rusten op de luimen van een snel afgeleid westers publiek en het volkenrecht. Als er geen harde nationale veiligheidsbelangen in het spel waren, zou niemand Oekraïne langdurig helpen. Gelukkig zien de meeste Amerikaanse politici dat nationale belang inzake Oekraïne nog steeds. Ze begrijpen dat Russische winst in Oekraïne grote gevolgen zal hebben in Europa en kan hebben in Azië. En tot veel meer ellende (en directe betrokkenheid) voor de Amerikanen zelf.
Zelfs Trumps standpunt inzake Oekraïne lijkt in beweging, voor wat het waard is. Dit weekend stemde het Huis van Afgevaardigden voor een groot hulppakket voor Oekraïne - dat zes lange maanden gegijzeld bleef door de grillen van de gepolariseerde Amerikaanse politiek. Dinsdag geeft de Senaat het definitieve groene licht.
In sommige Oekraïense loopgraven, zo werd bericht, werd de Amerikaanse stemming rechtstreeks gevolgd en ging er gejuich op toen de uitslag bekend werd. Het is een mooi moment voor wat Europese zelfreflectie. Wat hebben de Europeanen gedaan tijdens dit cruciale moment in de oorlog - waarop Amerikaanse steun inzakte en Rusland kansen rook (en ruikt) een tijdelijk voordeel zoveel mogelijk uit te buiten?
Het oogt als vernietigend dralen en falen. Zes maanden zaten we op onze terrasjes en op onze tientallen luchtverdedigingssystemen, wachtend op de Amerikaanse cavalerie die Oekraïne wel of niet zou gaan redden. Volgend jaar zal de militair-strategische balans weer anders zijn. Maar op dit cruciale moment voor ‘Europa’, was het afwezig. Geografie, niet strategie, dicteert onze betrokkenheid bij Oekraïne. Strategie en leiderschap moeten we nog steeds importeren.
Onderwijl rukken de extremisten op: we hoeven niet met verbazing naar Marjorie Taylor Greene, afgevaardigde uit de Amerikaanse staat Georgia, te kijken terwijl dezelfde Kremlinpropaganda in ons eigen parlement weerklinkt. En terwijl de grootste partij van Nederland huilt over miljarden die ‘naar het buitenland’ verdwijnen.
Dean Acheson, de Amerikaanse diplomaat die als minister ook betrokken was bij de oprichting van de Navo, publiceerde in 1969 zijn memoires: Present at the creation. Met welke pakkende kop gaat de huidige generatie Europese politici haar memoires uitventen - Present at the destruction? Mijn woorden zijn op, maar onze Patriots niet.
Over de auteur
Arnout Brouwers is journalist en columnist voor de Volkskrant, met als specialisatie veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns