Home

Gaat ook de coöperatieve Rabo ruiken naar een beursbedrijf?

Het is het mooie van een coöperatie. In een ledenraad van een coöperatieve Rabobank kan de plaatselijke bakker zitten, samen met de voorzitter van de turnvereniging, de baas van de rotary, de lokale notaris en een leraar Duits. De macht en het geld zitten bij de basis. In totaal telt de Rabo nog 78 van die lokale banken met elk een eigen ledenraad, gekozen door de 2,1 miljoen leden van de bank.

Samen vormen deze ledenraden, zoals de Rabobank op de eigen site in lyrische bewoordingen beschrijft, ‘het hart van onze coöperatie – een onmisbare schakel tussen de leden en de bank. De ledenraden zijn ons klankbord, onze ambassadeurs én onze sparringpartners.’

Over de auteur
Peter de Waard is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

En ze hebben ook daadwerkelijke invloed, omdat ze mogen stemmen over belangrijke bestuurs- en statutenveranderingen. Vanmiddag ligt er bij de Algemene Ledenraad zo’n belangrijk voorstel op tafel. De groepsdirectie onder leiding van de Belg Stefaan Decraene wil dat de macht van de leden wordt beperkt. Ze moeten de ogen en oren van de bank blijven, maar zonder feitelijke macht.

Decraene noemt de huidige inrichting ‘een te grote bestuurlijke drukte’. Want de 78 Rabobanken hebben elk ook nog een eigen toezichthoudende raad van commissarissen. Verder zijn ze in het besluitvormingsproces geclusterd in veertien kringen met eigen regiodirecties. Dat maakt van de Rabo in de ogen van Decraene te veel een logge, stroperige en complexe coöperatieve organisatie. Om qua slagkracht te kunnen concurreren met ING en ABN Amro, allebei beursgenoteerde vennootschappen die zonder lokale lastpakken alleen de aandeelhouders moeten fêteren, is een reorganisatie nodig.

Op de opiniepagina van deze krant keerde onlangs voormalig hoogleraar Kees Cools zich tegen deze plannen. Hij vindt dat hiermee de coöperatieve gedachte te grabbel wordt gegooid. Het maatschappelijk belang waarvoor de ledenraden stonden, wordt opzijgezet voor een hogere winst.

De Rabobank is allang bezig de invloed van onderaf – het wezen van de coöperatie – af te breken. Zo zijn er nog maar 78 ledenraden in Nederland. Tien jaar geleden waren dat er 130, zestig jaar geleden 1.300. Dat was de tijd dat de lokale Rabo-bestuurders elke akkerbouwer en veehouder nog persoonlijk kenden en wisten wie goed was voor zijn geld en wie er mee naar het casino zou gaan. Nu maakt een computermodel de risicoanalyse.

Eigen vermogen hebben de 78 banken ook niet meer. Dat is op last van De Nederlandsche Bank sinds 2016 geconcentreerd bij de moeder in Utrecht. En als Decraene vandaag zijn zin krijgt, zullen de 78 ledenraden alleen ‘nog adviseren en ondersteunen bij het onderhouden van maatschappelijke contacten’.

De Rabobank heeft al een teen in het het beurswater gestoken. De Rabo-certificaten – een soort achtergestelde obligaties met een vaste rente van 6,5 procent – zijn zelfs een van de populairste effecten sinds de beursgang in 2014.

Een beursfonds is de coöperatieve Rabo daarmee nog niet. Maar de bank van de lokale gemeenschap ruikt inmiddels wel naar een beursbedrijf.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next