Het gaat specifiek om de faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen. NU.nl vroeg documenten op bij de TU Delft via de Wet Open Overheid (WOO). Bijna een jaar later heeft de universiteit dat verzoek ingewilligd. Het is voor het eerst dat de TU Delft de financiering van contractonderzoek door dit soort bedrijven in kaart heeft gebracht. Contractonderzoek is onderzoek in opdracht van derde partijen, die daar ook voor betalen.
Een overzicht laat zien dat fossiele bedrijven financiële bijdragen leveren aan veertig onderzoeksprojecten binnen de faculteit sinds 2018. Het gaat onder andere om Shell, Chevron, RWE, NAM, Total, Equinor en BP. De bijdragen per project beginnen bij 10.000 euro en lopen op tot boven de miljoen euro.
Tussen 2018 en 2023 startten er vijf wetenschappelijke projecten gerelateerd aan olie- en gaswinning. Bijvoorbeeld onderzoek naar technieken die olieproductie in stand houden, of het bestuderen van de omstandigheden van de bodem voor mogelijke boringen. Shell, waarmee de TU Delft van oudsher nauwe banden heeft, droeg hier het meest aan bij. De universiteit laat in een reactie weten dat deze projecten inmiddels zijn afgerond en geen vergelijkbare onderzoeken meer te willen starten.
In die periode had zeker een derde van het contractonderzoek te maken met hernieuwbare energie, bijvoorbeeld naar zonne- en windenergie en aardwarmte. Ook liepen er meerdere onderzoeken naar CO2-opslag en waterstof.
De betrokkenheid van fossiele bedrijven bij wetenschappelijk onderzoek is al langer een punt van discussie, maar sinds een jaar staat het academisch debat erover op scherp. In mei 2023 blokkeerden studenten door het hele land, ook in Delft, verschillende gebouwen. De actievoerders eisten toen dat hun universiteit alle banden met de industrie verbreekt en transparantie geeft over de precieze bedragen. Openbare informatie hierover ontbrak op vrijwel iedere universiteit.
Universiteiten staan nu voor een vraagstuk: banden verbreken of niet? De Vrije Universiteit (VU) besloot geen nieuwe samenwerkingen meer aan te gaan met de fossiele industrie. Ook de Universiteit van Amsterdam (UvA) gaat niet meer samenwerken, tenzij het positief bijdraagt aan klimaatdoelen.
Andere universiteiten, zoals de Universiteit Utrecht (UU), publiceerden lijsten of verklaringen op hun website die de financiële samenwerkingen transparanter moeten maken. De Universiteit van Twente (UT) en de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) hebben aangegeven niet te stoppen met hun samenwerking met de fossiele industrie. In een verklaring van beide besturen staat dat zij daarbij wel duurzame standaarden willen aanhouden.
De TU Delft stelt zelf dat ze de banden niet willen verbreken, maar juist wil benutten vanwege de "enorme hoeveelheden kennis" in de sector. De universiteit wil van de samenwerkingen gebruikmaken om "de bijdrage aan de energietransitie te versterken." Maar het overzicht laat zien dat niet elke samenwerking bijdraagt aan de energietransitie. Daarom werd er in februari opnieuw actie gevoerd op de TU Delft.
"Universiteiten zeggen vaak een positieve bijdrage te willen leveren aan de maatschappij", zegt Aaron Pereira van onderzoeksbureau Solid Sustainability. "Maar het lijkt erop dat de meerwaarde voor de maatschappij en die voor de industrie door elkaar worden gehaald."
Pereira onderzoekt voor het project Mapping Fossil Ties de relaties tussen dit soort bedrijven en alle universiteiten in Nederland. Volgens hem is het een moeizaam proces om transparantie te krijgen. "Universiteiten hebben die banden tot nu toe niet goed bijgehouden of zien het openbaar maken ervan niet als prioriteit", legt Pereira uit.
Naast het contractonderzoek is de fossiele industrie ook op andere manieren aanwezig op de universiteit, weet Pereira. De bedrijven financieren leerstoelen, sponsoren studentenactiviteiten en medewerkers komen er gastcolleges geven.
Emma schrijft over alle facetten van de klimaatcrisis, energie en een duurzame economie. Lees hier meer verhalen van Emma.
Maar waarom werken universiteiten eigenlijk samen met het bedrijfsleven? Docent aardwetenschappen aan de TU Delft, Riccardo Riva, vertelt dat daar vooral een strategische reden achter zit. Om financiering van je onderzoek van de overheid te krijgen, is het meestal nodig om eerst een deel bij bedrijven op te halen. De docent schat dat op zo'n 10 procent. "Dit betekent dat voor middelgrote projecten aanzienlijke bedragen nodig zijn, die kunnen doorlopen tot in de miljoenen."
Vooral grote bedrijven hebben dat geld, stelt Riva. Vanuit die bedrijven is dat interessant omdat deze weer baat hebben bij de onderzoeksresultaten. "Bij onderzoek gerelateerd aan de energietransitie, kun je heel makkelijk bij fossiele bedrijven aankloppen."
Riva denkt desondanks dat het niet nodig hoeft te zijn om geld aan te nemen van bedrijven, maar dan is het wel noodzakelijk dat de overheid het onderzoek volledig financiert.
"Ik zie geen reden om te geloven dat fossiele bedrijven betrouwbare partners zouden zijn in de energietransitie", zegt student technische natuurkunde Thom van der Woude. "Deze bedrijven hebben jarenlang klimaatverandering gebagatelliseerd. Waarom zouden ze zich er nu dan wel druk om maken?" De student denkt dat zulke samenwerkingen greenwashing (iets 'groener' presenteren dan het is, red.) in de hand werken.
Op dit moment wordt er op de TU druk gediscussieerd over de toekomst van dit soort samenwerkingen. Zo is er ook een commissie aangesteld om een advies uit te brengen aan het bestuur. Van der Woude denkt niet dat er snel iets verandert op de TU. Samenwerken met de olie- en gasindustrie maakt volgens hem deel uit van de cultuur. "Ik denk dat Delft de laatste is die verandert."
De TU Delft reageert dat de universiteit tegenwoordig richtlijnen heeft rondom samenwerkingen met de fossiele industrie. Volgens de woordvoerder bepaalt de TU welk onderzoek wordt gedaan en is het voorwaarde dat dit bijdraagt aan de energietransitie, minder CO2-uitstoot of hergebruik. Verder moet de TU Delft profiteren van de onderzoeksresultaten en transparantie over de partners.
"In het verleden hadden we samenwerkingsprojecten met bedrijven uit de fossiele industrie die we vandaag de dag niet meer zouden aangaan, omdat ze niet leiden tot versnelling van de energietransitie. Een zeer gering aantal van die samenwerkingsprojecten is vele jaren geleden gestart en naderen het einde van de destijds overeengekomen projectduur. We zitten dus in de laatste fase van een overgangssituatie."
"Er zijn ingrijpende veranderingen nodig om te voldoen aan het Klimaatverdrag van Parijs. Nederland wil bovendien minder afhankelijk worden van het buitenland voor energieleveranties. TU Delft werkt samen met bedrijven uit alle sectoren van de economie om wetenschappelijke doorbraken te realiseren zodat de fossiele industrie kan verduurzamen en onze samenleving minder afhankelijk wordt van fossiele energiebronnen. Het is dus in het algemeen belang dat de TU Delft en bedrijven samenwerken aan de energietransitie."
Source: Nu.nl economisch