Zowel Zweden, Duitsland, Rusland als Denemarken deed onderzoek naar de explosies van de twee onderzeese leidingen in de Oostzee bij het Deense eiland Bornhol. Zweden kondigde eerder deze maand aan te stoppen omdat er niet genoeg juridische gronden waren om het strafrechtelijk onderzoek voort te zetten. Denemarken kondigt nu een vergelijkbaar besluit aan.
De politie van Kopenhagen en de Deense inlichtingendienst PET onderzochten de ontploffingen samen. In een persbericht laten de diensten maandag weten dat de gasleidingen expres gesaboteerd zijn. Tegelijkertijd is er volgens hen niet genoeg reden om een strafzaak in Denemarken door te laten gaan, omdat er geen aanwijzingen voor zijn dat de verantwoordelijke zich in Denemarken bevindt.
Het onderzoek in Duitsland loopt nog wel door. Zweden heeft zijn bevindingen overhandigd aan de Duitsers. Het is nog niet duidelijk of de Denen dit ook gaan doen.
Rusland doet ook onderzoek en zegt dat het om terroristische aanslagen gaat waarachter de Verenigde Staten en andere westerse landen zouden zitten. De beschuldigingen gaan over en weer en wijzen ook in de richting van Oekraïne, dat sinds februari 2022 gebukt gaat onder een Russische invasie.
De explosies in september 2022 maakten de pijpleiding onklaar en brachten een kolossale hoeveelheid methaan in de lucht. De pijpleidingen van het zeker 10 miljard euro kostende Nord Stream-project waren voor het Russische gas naar Duitsland. Daarmee verdiende Rusland veel geld en kreeg het land grote invloed in de Europa. De Amerikaanse regering was daarom van meet af aan tegen het project.
Source: Nu.nl economisch