Home

‘Wil je je sinaasappel nu of straks?’

In een met vele kabouters versierd restaurant zat een middelbaar stel zwijgend te eten. Heel af en toe doorbrak een van beide hun stilte met een vraag van het kaliber ‘Hoe is je soep?’ In een vlaag herinnerde ik mij dat een tafereel als dit ooit mijn ultieme schrikbeeld was: samen zijn, maar klaarblijkelijk voorgoed uitgeluld. Een oude tekening van Peter van Straaten spookte door mijn hoofd; een verveeld kijkend echtpaar op een bankje, daaronder de zin: ‘Wil je je sinaasappel nu of straks?’

Hoe anders voelde het nu ik zelf de helft van dit stel was. Een lange wandeling in de benen, alle aandacht gericht op het stillen van de honger. De zekerheid dat ook zij tegenover mij niet paniekerig speurde naar gespreksonderwerpen maakte de stilte allerminst bedreigend – eerder het tegendeel. Blijkbaar kon je je er ook gezamenlijk in hullen. Mijn jongere zelf had zich vast in ons vergist.

De soep was vies, dat wel.

Source: Volkskrant columns

Previous

Next