Op de Welshe televisie zag ik een programma waarin een huis, in afwezigheid van de bewoners, werd opgepimpt door professionals. Iedereen sprak Welsh, waar ik niets van verstond, maar de toon was volstrekt herkenbaar. De professionals maakten praatjes met elkaar: ‘Zo, lekker aan het behangen?’
‘Ja, altijd even kijken of het patroon goed aansluit.’
‘Even een bakkie doen?’
‘Lekker.’
Daarna de bewoners, die verbijsterd door hun huis liepen. De vrouw zei waarschijnlijk dingen als ‘ongelooflijk wat ze ermee gedaan hebben’, en ‘dit is dus precies mijn smaak’. De man was stiller, hij zei af en toe iets dat overkwam als: ‘Jeetje, helemaal anders.’ Of misschien zelfs: ‘Even wennen wel.’
Eén ding was echt anders dan de Nederlandse en Engelse versies van dit soort programma’s: het einde. Dan worden de voor/na-shots getoond. Bij de Welshe versie was het me steeds niet duidelijk of we het oude deprimerende, donkere huis zagen, of het nieuwe deprimerende, donkere huis.
Source: Volkskrant columns