Dit artikel is afkomstig uit de Volkskrant. Elke dag verschijnt een selectie van de beste artikelen uit de kranten en tijdschriften op NU.nl. Daar lees je hier meer over.
"Ik hoor een soort kraan druppelen, een bromtoon en wat geknars en getik. Maar wat hoor ik nou precies?", vraagt Anke Wijnja, een van de creatieve makers van broedplaats De Ceuvel in Amsterdam. Vanaf haar koptelefoon loopt een draad naar de hydrofoon, een opnameapparaat dat hangt in het zijkanaal van het IJ waaraan het terrein van De Ceuvel ligt. "Je hoort een onzichtbare wereld vol leven onder het wateroppervlak. Denk aan vissen, rivierkreeftjes en waterplanten", antwoordt landschapsarchitect Thijs de Zeeuw. Welk geluid dan weer bij welk leven hoort, weet hij ook niet. "Daarom doen we in het voorjaar een snorkelexpeditie."
De Ceuvel is een voormalige scheepswerf die is getransformeerd tot een broedplaats voor creatieve makers - van fotografen tot architecten en mensen die werkzaam zijn in vrije beroepen zoals coaching. Ze werken in tien afgedankte woonarken die aan wal zijn gesleept. Om nog duurzamer te worden, is De Ceuvel een zoöp geworden. "Dat is", legt Wijnja uit, "een organisatiemodel dat bedrijven en instellingen helpt de belangen van het niet-menselijk leven, zoals planten en dieren - of het onderwaterleven - mee te nemen in de bedrijfsvoering."
Zoöp is een afkorting van 'zoöperatie' - een combinatie van zooè, het Griekse woord voor leven, en coöperatie. Het principe is ontwikkeld door het Nieuwe Instituut in Rotterdam, dat al ruim een jaar functioneert als zoöp. Vanaf dit jaar zijn daar De Ceuvel, de duurzame boerderij Stichting Bodemzicht bij Nijmegen en het Kunstfort bij Vijfhuizen bijgekomen.
In principe kan elke organisatie of bedrijf een zoöp worden, vertelt Klaas Kuitenbrouwer van het Nieuwe Instituut. "Het is laagdrempelig. Vaak is het dingen laten in plaats van dingen doen. Je hoeft ook niet eerst aan allerlei voorwaarden te voldoen." Bovendien hoeft een zoöp niet meteen op mondiale schaal impact te hebben, zegt hij. "Het begint lokaal."
Het grote verschil tussen een zoöp en andere duurzame manieren van ondernemen is de installatie van een zogenoemde Spreker der levenden, die buiten de organisatie staat en die fungeert als onafhankelijk adviseur, leraar en toezichthouder. De Spreker moet verstand hebben van ecologie en de plaats van de mens daarin. Bij De Ceuvel is dat landschapsarchitect De Zeeuw.
Niet toevallig zijn alle sprekers van de huidige vier zoöps allemaal landschapsarchitect. Minstens zo belangrijk zijn volgens De Zeeuw goede communicatieve vaardigheden. "Ik kan wel van alles roepen, maar De Ceuvel moet mijn adviezen ook opvolgen." Zijn motto is dan ook: "Wat goed is voor andere levensvormen, is uiteindelijk ook goed voor de mens."
Dat klinkt alsof de praktische uitvoering vrijblijvend is. Maar om zoöp te worden, moet een contract worden ondertekend van vijf kantjes, opgesteld door een jurist. Ook moet volgens Kuitenbrouwer alle opgedane kennis worden gedeeld, en worden workshops georganiseerd voor aspirant-zoöps en sprekers.
Broedplaats De Ceuvel moet binnen twee jaar wijken voor stadsvernieuwing. Wie weet kan de zoöp een opstap zijn om het niet-menselijke perspectief mee te nemen in de geplande nieuwbouw, zegt De Zeeuw. "Ik zou graag als Spreker aan tafel zitten bij de ontwikkeling daarvan."
Eerst moet de kersverse zoöp een nulmeting maken van welke natuur er allemaal leeft in en om de broedplaats. De Zeeuw: "Als Spreker begin ik met kijken en luisteren. Binnenkort gaan we met de batdetector, een ultrasone microfoon, luisteren welke vleermuizen hier leven. Daarna volgt een scan van het bodemleven."
Vervolgens wordt concrete actie ondernomen. "Om het onderwaterleven te bevorderen, kan hier een beschutte plek worden gecreëerd om waterplanten uit te zetten. Daar kunnen de watervogels en vissen zich voeden, wat weer allerlei nieuw leven aantrekt." De gebruikers van De Ceuvel zijn zelf al aan de slag gegaan. Zo bouwden ze egelhuisjes van takken en zijn bollen gepoot, zodat de bijen zich deze zomer aan de bloemen kunnen voeden.
Wijnja: "Als je beter weet wat er allemaal om je heen leeft, ga je je vanzelf anders gedragen." Al levert dat ook dilemma's op. Hoeveel ruimte krijgen ratten, die nu eenmaal op een oude scheepswerf leven? "Daar zijn we dus nog niet uit."
Voor deze duurzame broedplaats was de stap naar een zoöp relatief overzichtelijk. Zo wordt de vervuilde grond van de scheepswerf gezuiverd door bomen en planten. Afvalwater gaat door een biofilter en wordt vervolgens gebruikt voor irrigatie. Maar de natuur staat nog te veel in dienst van de mens, vindt De Zeeuw: "De bomen worden gebruikt om het vuile werk op te knappen, door de lucht te zuiveren. Net als de havenarbeiders hier op scheepswerven in Amsterdam-Noord, daarom rijden hier zoveel Canta's rond. Voor hen is een zorgsysteem opgetuigd. Hebben we niet dezelfde verantwoordelijkheid voor deze bomen? Trouwens, als ze worden gekapt, moeten ze bij het klein chemisch afval. Zo vervuild zijn ze."
Het eerste land dat de belangen van de levende wereld opnam in de grondwet was Ecuador in 2008. Individuele rechten werden in 2017 voor het eerst toegekend voor in Nieuw-Zeeland aan een berg, een bos en een rivier. Als rechtspersonen staan ze juridisch op gelijke voet met mensen en bedrijven. Inmiddels zijn er wereldwijd rechten toegekend aan uiteenlopende natuur, van een natuurpark in Canada tot een lagune in Spanje, als eerste in Europa. In Nederland fungeert de Ambassade van de Noordzee als spreekbuis voor de Noordzee. Een officiële status heeft dit initiatief van wetenschappers en kunstenaars nog niet.
Source: Nu.nl economisch