De carrière van Albon is er één van hoogte- en dieptepunten. Hij maakte al op jonge leeftijd deel uit van Helmut Marko’s jeugdopleiding bij Red Bull, maar die liefde duurde maar kort. Na een succesvol Formule 2-seizoen 2018 (vier overwinningen, derde in de eindstand) werd Albon door Marko echter weer in genade aangenomen en voor 2019 bij Toro Rosso geplaatst. Na twaalf races volgde promotie naar Red Bull Racing, maar in de anderhalf jaar dat hij daar reed, wist Albon nooit de belofte in te lossen. Hij werd in 2021 zelfs gepasseerd door Sergio Pérez en gedegradeerd tot reserverijder. Uiteindelijk pikte Williams hem in 2021 op en in de afgelopen twee seizoenen bij de stal uit Grove lijkt de Thai volledig tot bloei te zijn gekomen.
Hoewel Williams begin 2023 nog worstelde met de FW45, was de auto in handen van Albon goed voor 27 punten en daarmee leverde hij het leeuwendeel van de 28 punten die Williams uiteindelijk de zevende plaats bij de constructeurs opleverde. Het zorgde voor waardering in en rond de paddock, merkt Albon in gesprek met Motorsport.com. "Ik begrijp waarom het gebeurt", zegt hij op de vraag hoe hij tegen die hernieuwde aandacht aankijkt. "Als ik naar mijn carrière kijk, had ik een heel goed eerste jaar [bij Toro Rosso], waardoor ik misschien iets te snel [naar Red Bull] ben gepromoveerd. Daarna was ik een jaar weg, maar ik kreeg een tweede kans bij Williams en daar heb ik eigenlijk nooit het gevoel gehad dat ik niet in de Formule 1 thuishoorde. Ik heb het gevoel dat naarmate mijn zelfvertrouwen sterker is geworden en ik meer ervaring heb, ik mezelf echt heb kunnen laten zien."
Foto door: Zak Mauger / Motorsport Images
Alex Albon, Red Bull Racing RB16
Dat hij uit de schaduw is getreden, heeft niet alleen met zijn eigen hervonden zelfvertrouwen te maken, maar ook met de opgaande lijn die Williams na jaren van ploeteren heeft ingezet. "Vorig jaar reed ik fantastische races op P16, maar niemand had het erover omdat het ‘maar’ P16 was, in het midden van niks", zoekt Albon naar een verklaring. "Terwijl dit jaar, als ik een goede race reed, zat ik in de top tien en werd er over gepraat. Maar dat is F1, je moet er op het juiste moment zijn."
Op de vraag of er specifiek iets is veranderd in zijn aanpak van een raceweekend, wijst Albon op de inmiddels 81 Grands Prix die hij heeft gereden. "Het is gewoon een feit dat ik meer ronden achter m’n naam heb staan, nog een jaar extra bij het team. Ik denk niet dat de pure snelheid enorm is veranderd, maar ik heb de auto naar mijn hand kunnen zetten. En ik heb het gevoel dat ik me elk weekend op mijn gemak voel in de auto. Het voelt gewoon allemaal makkelijker aan. Daardoor is het ook makkelijker om races goed uit te voeren en geen fouten te maken. Ik denk dat 2023 mijn beste jaar is geweest."
Source: Motorsport