Home

Waarom Thomas van Luyn nu als klimaatplakker te boek staat. Ten onrechte trouwens

Ik stond per ongeluk op de A10 met de klimaatplakkers. Hoewel, per ongeluk: het was niet alsof ik net de snelweg overstak toen er stomtoevallig een klimaatprotest uitbrak. Maar ik was niet de weg aan het blokkeren, edelachtbare (ik zet vaak ‘edelachtbare’ achter mijn smoezen om te voelen of ze geloofwaardig zijn). Het zat zo: mijn vrouw nam deel, en het was bij mij om de hoek, dus ik dacht: kom, ik wip even langs om haar een hart onder de riem te steken. Ze vond het namelijk best eng. Ik trouwens ook. Ik heb sowieso een hekel aan demonstraties. Te weinig nuance. En altijd leuzen tegen de politie en het kapitalisme, twee zaken waar ik wel blij mee ben.

En ik was niet van plan geweest de snelweg op te gaan, maar mijn echtgenote en ik stonden tien meter uit elkaar te zwaaien alsof we aan weerskanten van de Maas stonden. Dat was weird, dus klom ik een heuveltje op en stapte over de vangrail. Voor de gezelligheid dus, maar ook een beetje om dezelfde reden dat ik ooit over de bodem van een drooggelegde Oudegracht heb gelopen: omdat het meestal niet kan. De rest van mijn leven zal ik wanneer ik over dat stukje snelweg rijd denken: goh, hier heb ik ooit gelopen.

Over de auteur
Thomas van Luyn is cabaretier, presentator en columnist voor Volkskrant Magazine.

Ergens stond een mevrouw op een trommel te slaan, zonder enig ritmegevoel. Slechte trommelaars zijn ook een reden waarom ik liever niet bij demonstraties ben. Er was wel een heel goed blaasorkestje. Als adviseur van totalitaire regimes, zou ik zeggen: arresteer als eerste de blazers. Die houden de moed erin, en dat moet je niet hebben.

Ik had meer mensen verwacht, maar het was rustig. Hollanders houden tenslotte van een verzetje. Maar misschien onderschatte ik de illegaliteit. Ik zag het probleem niet, die snelweg werd de hele tijd afgesloten voor onderhoud, en een poging om de wereld te redden kon er wel bij. Wellicht door het weer: grijs en koud. Maar ook door het gebrek aan confrontatie denk ik. In andere landen gaat de politie er meteen op meppen, dat is best opwindend. Maar hier liepen ze rond en maakten ze praatjes. Weet u dat we straks gaan ontruimen? Ja? Nou, als u niet gearresteerd wilt worden, heeft u nog tijd zat om de snelweg te verlaten. Prettige dag verder. Heel vriendelijk en tactisch verstandig, want zo zouden ze later op weinig vijandigheid stuiten, en dat arresteert een stuk makkelijker.

Al banjerend zag ik een eindje verderop iemand naar mij kijken, zijn camera van zijn heup pakken, en een joekel van een telelens op mij richten. Meteen keek ik naar de grond, want what the fuck. Onder de klep van mijn pet door, zag ik alleen zijn voeten. Hij leek naar me toe lopen. Instinctief verborg ik me tussen een plukje mensen. Net toen ik dacht dat ik me inbeeldde, zag ik dat hij een stapje zijwaarts had genomen naar een plek waar hij weer zich op me had. Ik liep weg, en meanderde tussen de mensen door totdat ik me veilig voelde. Toen ik opkeek, stond hij recht voor me. Klik. Tevreden keek hij naar het schermpje van zijn toestel. Ik weet nog steeds niet waarom, want een echte BN’er ben ik niet. Maar nu zit ik dus ergens in een beeldbank als klimaatplakker. Daar schaam ik me niet voor, edelachtbare, maar het is onjuist.

Source: Volkskrant columns

Previous

Next