Na een uitstekend 2022 bij Gresini Racing kreeg Enea Bastianini in 2023 de kans bij het fabrieksteam van Ducati. Zijn eerste seizoen in het rood verliep door blessureleed echter verre van hoe hij het zich vooraf had voorgesteld. In de sprintrace van het openingsweekend in Portimão raakte de Italiaan betrokken bij een crash met landgenoot Luca Marini, waarbij hij een schouderblessure opliep die hem vervolgens vier raceweekenden aan de kant hield. Daarna werkte Bastianini vijf Grands Prix af, om bij de start van de GP van Catalonië opnieuw te crashen en geblesseerd te raken. Hierdoor ontbrak hij nog eens drie raceweekenden.
"Mentaal, maar ook fysiek was het een moeilijk seizoen", erkende Bastianini dan ook tegenover The Race. Naar eigen zeggen probeerde hij positief te blijven ondanks het blessureleed, maar makkelijk was dat niet. "Na de eerste blessure wist ik dat het moeilijk of zelfs onmogelijk was om snel terug te keren op de baan. Ik wist dat ik nul tot maximaal één procent kans had om de titel te winnen - heel, heel vreemd. Ik kwam terug, maar in de eerste drie, vier races werkte mijn schouder niet lekker mee. Toen ik weer in orde was, crashte ik opnieuw en kreeg ik een andere blessure. Mentaal was dat zo, zo lastig. Ik bleef altijd gefocust en positief, maar dat was moeilijk."
Bij de startcrash in Barcelona liep Bastianini blessures aan zijn hand en enkel op, waaraan hij geopereerd moest worden. Toch kwam ook zijn eerder geblesseerde schouder er niet zonder problemen af. "De eerste blessure was de belangrijkste, want na drie maanden dacht ik weer de oude te zijn. Ik verloor echter de kracht in mijn rechterschouder. Ik was niet de sterkste en toen ik weer naar de sportschool ging, was het moeilijk om te trainen. Mentaal was dit zwaar, maar voor de Grand Prix in Barcelona vond ik iets. Ik had kracht, maar toen crashte ik opnieuw. Na deze crash had mijn schouder het opnieuw zwaar en in de gym was het weer lastig om aan mijn bovenlichaam te werken", legde Bastianini uit. "Ik was boos over mijn fout in Barcelona. Na een goede start was ik een beetje nerveus, want na de goede start wilde ik er in de eerste bocht voor blijven. Ik remde later en toen voltrok de ramp zich. Het was anders dan in Portimão, maar uiteindelijk was het toch hetzelfde. Je blijft namelijk thuis."
Mede door de blessures duurde het lang voordat Bastianini een doorbraak beleefde met de Ducati GP23. Pas in Maleisië zette hij een grote stap met het aanremmen en insturen van de bochten, wat hem in staat stelde om de Grand Prix in Sepang op zijn naam te schrijven. Mede door die ene overwinning besloot Ducati om voor 2024 vast te houden aan de rijder uit Rimini, ondanks dat Jorge Martin nadrukkelijk op de deur klopte met zijn uitstekende prestaties bij Pramac. Zodoende is Bastianini komend seizoen opnieuw de teamgenoot van regerend wereldkampioen Francesco Bagnaia.
Source: Motorsport