Aan Intels E-core zijn we al een paar generaties gewend, maar terwijl je dit leest lepelt ook AMD de eerste extra zuinige en compacte cores in enkele van zijn consumentenprocessors. Hoe verhouden de E-cores van Intel en de nieuwe Zen 4c-cores van AMD zich tot elkaar?
Intel ontwierp al sinds mensenheugenis twee verschillende soorten cores. Aan de ene kant had je de grote, prestatiegerichte cores die je in de Core i3/i5/i7/i9-processors tegenkwam en die we ter onderscheid P-cores zijn gaan noemen. Aan de andere kant stonden de kleine, zuinige cores die ooit in Atoms werden gebruikt en tegenwoordig vooral in mobiele Celerons en Pentiums zaten, en die Intel een paar jaar geleden tot E-cores heeft gedoopt.
Bij Alder Lake, de twaalfde generatie Core, combineerde Intel die twee soorten cores voor het eerst in een massaproduct. Vanaf de Core i5 12600K beschikten processors over een combinatie van P- en E-cores. In de daaropvolgende generaties breidde Intel het aantal modellen met E-cores steeds verder uit, en ook in laptops kom je ze nu vaak tegen. Een op zuinigheid gefocuste chip als de Core i7-1365U heeft bijvoorbeeld zelfs maar twee normale P-cores en maar liefst acht zuinige E-cores.
Al gauw liet AMD doorschemeren ook wel iets te zien in zo'n hybrideprocessorarchitectuur. Als zuinige core zet het Zen 4c in, een kleinere versie van zijn reguliere Zen 4-core die oorspronkelijk werd ontwikkeld voor Epyc-serverprocessors met extreem veel cores. Vorige maand kondigde AMD de eerste laptopchips met Zen 4c-cores aan, die we vermoedelijk ook terug gaan zien in de Ryzen 8000G-apu's voor desktops.
De techniek om kleine en grote cores te combineren vindt zijn oorsprong in smartphones. Arm-socs bestaan al veel langer uit combinaties van twee of soms zelfs drie soorten cores. Het belangrijkste doel van de diverse cores is vooral de 'race to idle'. Voor een lange accuduur moet de processor van een smartphone zoveel mogelijk grotendeels uitgeschakeld zijn. Eén of enkele grote, snelle cores kunnen piekprestaties leveren om een taak zo gauw mogelijk af te ronden, om daarna direct weer in stand-by te gaan en minder zware taken over te laten aan zuinigere cores.
Bij x86-processors en zeker bij desktopmodellen speelt dat niet zo. Het gaat AMD en Intel er vooral om zo hoog mogelijke prestaties te kunnen behalen in de toegestane hoeveelheid vermogen en hitte. Veel cores die per stuk wat langzamer zijn, kunnen dat 'budget' efficiënter benutten dan een kleiner aantal hoger geklokte cores. Hoewel vooral Intel daar nog wel wat aandacht aan schenkt, is een laag idleverbruik veel minder een focus dan bij smartphonesocs.
We kunnen in ieder geval stellen dat AMD en Intel ieder een ander pad hebben gekozen om in essentie hetzelfde probleem op te lossen. Wat die verschillen precies inhouden en of een van de twee concepten de betere is, onderzoeken we in dit artikel.
Source: Tweakers.net