Home

NU+ Houdt gravelfietsen z'n charme? 'Het gaat steeds harder'

Als Wout van Aert zondagochtend zijn pedalen inklikt voor het WK gravel, komt er voor honderden deelnemers een droom uit. Er staan in het Italiaanse Veneto namelijk niet alleen (oud-)wielerprofs aan de start, maar ook amateurs met een uit de hand gelopen hobby. En hoe gaaf is het om te zeggen dat je een wedstrijd hebt gereden met mannen als Van Aert, Niki Terpstra, Alejandro Valverde en Laurens ten Dam.

De 42-jarige Ten Dam is voor een groot deel verantwoordelijk voor de opmars die het gravelen de afgelopen jaren heeft gemaakt. Met meerdere podcasts en documentaires kreeg hij steeds meer mensen op een fiets met dikkere banden en een breder stuur. "Ik dacht na mijn carrière een beetje avontuurtjes te beleven op gravel. Dat escaleerde vrij snel. Ik noem mezelf profavonturier", zegt Ten Dam, die ook vaak meerdaagse graveltochten maakt.

Ook Terpstra werd door Ten Dam aangestoken met het gravelvirus. De 39-jarige Noord-Hollander ging een jaar geleden met wielerpensioen, maar vond de stap van tachtig koersdagen per jaar naar helemaal niks te groot en koos voor de gravelbike. "Dit is wel een leuke discipline omdat je over het algemeen op jezelf aangewezen bent. Het is een beetje old­skool. Die charme spreekt me wel aan."

De liefde voor de gravelbike ontstond bij Ten Dam in 2016, toen hij nog als wielrenner actief was voor Giant-Alpecin. "Ik woonde in dat jaar in Amerika, omdat ik het leven als WorldTour-renner even niet trok. De stress, het dun zijn. Ter voorbereiding op het nieuwe seizoen reed ik een paar gravelwedstrijden."

"Het was een keiharde koers - ik werd vierde - maar na afloop waren we met z'n allen aan het ouwehoeren met biertjes en chippies. Dat was heel gezellig. Bij de WorldTour heb je dat niet. Dan zie je elkaar na de finish niet. Pas de volgende dag weer in de koers."

Een ander groot verschil: bij het gravel heb je niet de luxe van een ploeg, verzorger of mecanicien. Juist leuk, vindt Terpstra. "Je moet alles zelf regelen. Ook tijdens de wedstrijd. Het is een beetje ouderwets. En als je met pech komt te staan, is dat part of the game."

Bij een gravelwedstrijden heb je namelijk ondanks de dikkere banden vaak te maken met een lekke band. De snelste oplossing? "Een plug, net als bij een autoband", zegt Ten Dam. "Als je dat heel snel kunt, zit je binnen een halve minuut weer op de fiets", zegt Terpstra.

En dan hebben we het nog niet eens over de omstandigheden gehad. Met een beetje regen kunnen de gravelstroken aardig modderig worden. "Ik blijf het liefst schoon", zegt Terpstra lachend.

Ten Dam valt zijn collega bij. "Hij komt van het baanwielrennen hè. Ik vond het vroeger als kind al heerlijk als het regende. Ik was keeper en dan maakte ik buikslidings. Dus ik vind die modder niet zo erg. Het hoort er een beetje bij en het ziet er wel tof uit."

Toch had Ten Dam niet verwacht vier jaar na zijn wielerpensioen weer op een WK te staan. "Ben je gek, ik dacht: ik ga toch nooit meer een WK rijden met oranje shirt en licentie. Maar nu merk je toch dat het heel leuk is."

Al was er volgens Ten Dam in het begin best wat "weerstand" tegen de wedstrijden. "Bij gravelen hoef je niet in strakke shirtjes te rijden of de 30 kilometer per uur te halen, maar dat is wel aan het veranderen met de komst van de wedstrijden. Daar gaat het heel hard en komen mensen met aerodynamische sokken en stuurtjes. Dan is het eigenlijk wegwielrennen op een andere ondergrond."

"Maar je ziet wel duizenden mensen die dat ontzettend leuk vinden. Het EK in Leuven (1 oktober, red.) bijvoorbeeld was heel gezellig. Iedereen die meedeed was blij. Dan heb je twee type deelnemers: mensen die het vooral om het fietsen gaat, maar ook mensen die 's avonds lekker aan het kampvuur een hamburger willen eten en een biertje willen drinken. Het is voor ieder wat wils."

De basis van het gravelen ligt in Amerika, met in Kansas jaarlijks het officieuze WK: de Unbound Gravel. Een wedstrijd over 330 zware kilometers. De hype is de oceaan overgevlogen en zo hebben we ook in Europa steeds meer wedstrijden, met dit weekend de tweede editie van het officiële WK.

Veel oud-profs doen in navolging van Ten Dam mee aan deze koers, maar ook renners uit het huidige wielerpeloton staan op de startlijst. Bij de vrouwen onder anderen Demi Vollering en Lorena Wiebes (kersverse Europees Kampioen Gravel). De net gestopte Annemiek van Vleuten zou ook haar opwachting maken, maar ontbreekt vanwege een blessure. Bij de mannen starten onder anderen Van Aert, Matej Mohoric en titelverdediger Gianni Vermeersch.

"De WorldTour-renners vinden het ook wel leuk om eens een keer wat anders te doen", zegt Terpstra. "Het is leuk voor de afwisseling. En het is een stuk makkelijkere stap dan bijvoorbeeld een mountainbikewedstrijd. Dat is meteen een stuk gevaarlijker, technischer en serieuzer."

"Die profs kunnen dan lekker fietsen. Niet ruziemaken met elkaar, maar gezellig napraten", zegt Ten Dam. "En als het niet goed gaat, geeft het ook niet. Ze hebben geen druk voor de ploeg. Ze worden er niet voor betaald."

Terpstra ontbreekt vanwege een gebroken duim op het WK, Ten Dam staat wel aan de start. "Maar Unbound was het grote doel. Ik hoop het met een weekje voorbereiding te doen", zegt Ten Dam lachend. "Het zou slecht zijn als ik die volledige profs zou kloppen, maar Wout moet ook een band kunnen pluggen hè."

Het WK gravel wordt verreden in het Italiaanse regio Veneto. De vrouwen rijden op zaterdag 7 oktober een parcours van 141 kilometer. De mannen starten zondag aan een rit van 168 kilometer.

Log in of registreer gratis op NU.nl en krijg toegang tot extra artikelen

Source: Nu.nl sport

Previous

Next