Home

NU+ Martina over zijn negen WK's in twintig jaar: 'Heb genoten van elke dag'

De Nederlandse sprinters leveren twintig jaar geleden een topprestatie op de WK in Parijs, maar Churandy Martina mag niet meedoen. Troy Douglas, Timothy Beck, Patrick van Balkom en Caimin Douglas snellen in de finale van de 4x100 meter naar de vierde plaats, die door een dopingschorsing van de Brit Dwain Chambers in 2004 zelfs wordt omgezet in brons.

De dan negentienjarige Martina had niet misstaan in die Nederlandse estafetteploeg, maar de geboren Curaçaoënaar loopt onder de vlag van de Nederlandse Antillen zijn eerste WK. Op de 100 meter komt hij met een tijd van 10,35 niet door de series.

"Ik was al blij dat ik erbij mocht zijn", herinnert Martina zich twintig jaar later. "Het is een dierbare herinnering, omdat het mijn eerste WK was. Verder dacht ik er niet te veel over na, laat staan dat ik ver vooruitkeek. Dat het uiteindelijk negen WK's zijn geworden... Nee, dat had ik toen niet gedacht."

"Regen, regen en nog eens regen", is het eerste wat bij Martina naar boven komt als hij terugdenkt aan de WK in Helsinki. "Volgens mij regende het elke dag. Dat is niets voor mij."

Polsstokhoogspringer Rens Blom springt in de kletsnatte Finse hoofdstad naar de eerste Nederlandse wereldtitel ooit in de atletiek. Voor Martina is het individueel geen succesvol toernooi. "Ik had een blessure. Mede daardoor was het in de tweede ronde (10,48, red.) van de 100 meter al afgelopen."

Met de Antilliaanse ploeg haalt hij wel de finale van de 4x100 meter. "Ik was net op tijd weer fit en kon vol gaan. We werden zesde, een schitterende prestatie."

Voor het eerst haalt Martina individueel een WK-finale, en dat doet hij daarna nog eens. "Vijfde op de 100 meter én vijfde op de 200 meter. Ja, dit WK was een van mijn beste toernooien ooit."

Het is misschien wel een beetje een eenzaam WK voor Martina. De Antilliaanse estafetteploeg heeft zich ditmaal niet geplaatst en dus vormt hij in zijn eentje 'Team Antillen' in Osaka. Alleen voor de logistiek reisde er iemand met hem mee naar de Japanse stad.

"Het is totaal anders nu ik deel uitmaak van een enorme Nederlandse WK-selectie. Dat is leuk, heel gezellig. Maar ik kon me destijds in Osaka ook prima in mijn eentje redden. Ik was al vroeg in mijn leven behoorlijk zelfstandig. In mijn eentje trainen was geen probleem, zo blijkt ook wel uit de resultaten op dat WK."

Het is dé WK van Usain Bolt, maar niet die van Martina. Op de Spelen van Peking in 2008 was hij door diskwalificatie een olympische medaille misgelopen, waarna het in 2009 in Berlijn wel raak moet zijn. Maar voor de WK goed en wel begonnen is, is het voor Martina al afgelopen. "Door een blessure kon ik niet laten zien wat ik in me had."

Op de 100 meter strandt Martina al in kwartfinales en op de 200 meter gaat hij niet eens meer van start. Op de tribune in het Olympisch Stadion ziet hij Bolt in twee iconische finales goud pakken met wereldrecords (9,58 en 19,19) die nog altijd in de boeken staan.

"Natuurlijk zat ik daar met de gedachte: ik had nu tussen al die grote sprinters in de finale moeten staan. Maar uiteindelijk vond ik het als liefhebber ook prachtig om te zien wat Bolt daar deed. Ik ken hem al vanaf 2003 en heb hem steeds beter zien worden. De band tussen ons is altijd goed geweest."

Op de baan verloopt de WK van 2011 voor Martina bijna net zo als twee jaar eerder. Weer is er fysieke malheur. Een pijnlijke lies zit hem dwars, waardoor hij op de 100 meter niet verder komt dan de halve finales. Voor de 200 meter meldt hij zich af.

Buiten de baan is het in Deagu wel totaal anders dan in Berlijn. Het is Martina's eerste WK onder de Nederlandse vlag (hij verkiest Nederland boven Aruba), nadat de Nederlandse Antillen zijn opgeheven. Ineens heeft Nederland een internationale topsprinter. En dat zorgt voor veel meer media-aandacht voor Martina.

"Na elke race stonden er ineens allerlei Nederlandse journalisten op me te wachten. Met allerlei lastige vragen, als het niet goed ging. Dat was wennen. Maar hoe vaker ik het deed, hoe beter ik ermee om kon gaan. En hoe leuker ik het begon te vinden."

Een glimlach is bij Martina nooit ver weg, zeker niet als het over zijn prestaties van tien jaar geleden in Moskou gaat. "Dit was eindelijk weer een goed WK. Ik was blessurevrij. Dat was wel een keer fijn."

Op de 100 meter strandt Martina nog in de halve finales, waarna hij op de 200 meter na zes jaar weer de eindstrijd haalt. Hij finisht als zevende, maar het hoogtepunt moet dan nog komen.

Met Brian Mariano, Liemarvin Bonevacia en Hensley Paulina haalt Martina de finale van de 4x100 meter én komt hij in de buurt van een medaille (vijfde in 38,37). "Die estafette was extra speciaal voor me, omdat we een team hadden met vier boys van Curaçao. Het eiland zit in mijn hart, net als Nederland. Ik loop met trots voor allebei."

Het was een WK om snel te vergeten. Althans, als hij alleen naar zichzelf kijkt. Martina tobde in 2015 in Peking met een kuitblessure en kwam op de 100 meter niet verder dan de halve finales. "Voor de halve finales van de 200 meter voelde mijn kuit wel goed. Maar ja, net geen finaleplaats."

Toch wordt het een succesvol sprinttoernooi voor Nederland. Martina ziet Dafne Schippers zilver pakken op de 100 meter, waarna ze op de 200 meter de wereldtitel grijpt.

"Dafne was daar zo goed. Het was zó mooi voor de Nederlandse atletiek dat we ineens ook een topsprintster bij de vrouwen hadden. Ik weet niet of ik een inspiratiebron ben geweest. Dat gaat misschien wat ver. Maar ik denk wel dat ik mijn aandeel heb gehad in de ontwikkeling van het sprinten in Nederland."

Nadat hij de WK in Londen mist door een blessure is Martina er in Doha wel bij voor zijn achtste WK. De jaren beginnen te tellen. Mede door een hamstringblessure heeft hij zich voor het eerst niet individueel kunnen plaatsen voor een WK. Alleen op de 4x100 meter komt Martina in actie én excelleert hij.

In de series loopt het Nederlandse viertal - met naast Martina ook Joris van Gool, Taymir Burnet en Paulina een Nederlanders record (37,91). En in de finale gaat het nog harder (37,80), ware het niet dat de oranje formatie vanwege een foute wissel gediskwalificeerd wordt.

"We hebben daar echt goed gelopen", zegt Martina, die met zijn 35 jaar meer was dan alleen slotloper. "Teamcaptain; dat was ik en dat ben ik. Individueel kunnen wij niet zo hard lopen als de VS of Jamaica. Alleen samen zijn wij wel tot veel in staat, zo lieten we zien in Doha."

"Het is echt mijn laatste WK", bevestigt Martina nog maar eens. Na een jaar vol blessures is hij op tijd fit en is er toch weer een plek voor hem in de WK-selectie voor Boedapest. Al is zijn rol wel anders.

Martina is reserve op de 4x100 meter, achter Nsikak Ekpo, Taymir Burnet, Hensley Paulina en Raphael Bouju. "Die jongens moeten in zichzelf geloven. Ze kunnen het. En als het moet, ben ik ready."

Het hoeft helaas niet. In de series gaat het vrijdagavond mis bij de eerste wissel tussen Ekpo en Burnet en heeft verder sprinten geen zin meer. Daarmee is het negende en laatste WK voorbij voor Martina, zonder ook maar een meter te hebben gelopen. "Maar ik heb wel weer genoten, zoals ik van elke WK-dag in mijn carrière genoten heb. Ik geniet elke dag."

Hij is nog niet klaar, benadrukt Martina. "Volgend jaar wil ik er nog bij zijn op de Spelen in Parijs. Dat is mijn doel. Negen WK's en zes keer de Spelen. Daar ga ik voor. Pas daarna is het voorbij."

Log in of registreer gratis op NU.nl en krijg toegang tot extra artikelen

Source: Nu.nl sport

Previous

Next