Speelsters komen weleens spontaan naar De Jong toe. Dan stellen ze vragen. "Hoe ik kijk naar een wedstrijd? Maar ook standaard vragen als: wie is de beste speler met wie je ooit hebt gespeeld? Hoe ervaarde ik de aanloop naar een wedstrijd? En: wat doe je op vrije dagen?"
De Jong is als directeur topvoetbal van de KNVB al weken bij het WK in Australië en Nieuw-Zeeland, waar Oranje vrijdag in de kwartfinales de clash met Spanje wacht. Maar De Jong gedraagt zich niet als een bestuurder. Hij is er vooral de oud-speler en de mentor die lessen uit zijn glansrijke carrière deelt.
Het is te zien op het trainingsveld, waar De Jong vaak zittend op een bal naar trainingen kijkt. Hij is aanwezig bij besprekingen. Hij praat veel met bondscoach Andries Jonker. "Uiteindelijk ben je ook nog voetballer pur sang", zegt De Jong woensdag in Wellington, waar hij alleen over het WK wenst te praten.
Het past ook bij zijn werkwijze als directeur. "Ik wil zien hoe het leeft in de kleedkamer. De beste interactie met de speelsters krijg je wanneer je op het veld staat. Dan vang je ook het meeste op. Dan hoor je wat mensen zeggen, je voelt de beleving en ziet de details."
"Zeker bij dit elftal is dat het geval. Je hoort hoe ze onderling met elkaar praten en je ziet de agressiviteit en de mentaliteit van de speelsters. Ze zijn kritisch en ook positief-kritisch. Ze durven elkaar aan te spreken. Dat is mooi om te zien en te horen."
De Jong is niet de eerste persoon die je met gemoedelijke vrouwenvoetbal associeert. Hij was de spijkerharde terriër op het middenveld van onder meer Ajax, Manchester City, AC Milan en Oranje. Zijn karatetrap op de borst van Xabi Alonso tijdens de WK-finale in 2010 staat bij Nederlanders nog op het netvlies.
Maar De Jong blijkt het vrouwenvoetbal al lang te volgen, zegt hij, nog ver voor zijn aanstelling als directeur bij de KNVB. Hij keek het gewonnen EK van 2017 in eigen land. Hij heeft twee nichtjes die voetballen. Honderduit praat hij in trainingspak over de ontwikkeling van de sport.
"We moeten het vrouwenvoetbal gewoon serieus nemen", zegt De Jong, wetende dat veel mannen in Nederland nog denigrerend over vrouwenvoetbal doen. "Het is niet meer het vrouwenvoetbal van twintig jaar geleden. Met alle respect: het niveau was toen heel anders. Het is mooi om dat proces te zien."
Jeroen van Barneveld schrijft voor NU.nl over onder meer vrouwenvoetbal.
Met bewondering praat De Jong over Oranje. "We hebben een paar krijgers en strijders in ons team. Ik noem ze allemaal kleine pitbulls. We hebben er genoeg die links en rechts een klets kunnen uitdelen. Die mentaliteit heb je ook nodig om succesvol te zijn."
Namen noemt De Jong niet, al praat hij vaak met de ervarene speelsters, onder wie Sherida Spitse. "Je kan het zelf wel een beetje invullen. Maar je kan ook een pitbull in de persoonlijke omgang zijn. Je hoeft niet altijd te happen en te bijten, het kan ook op een andere manier."
"Er zijn verschillende meiden in het team die dat hebben. Het zijn echt wel vrouwen met lef. Mijn voetbalhart klopt sneller van speelsters met de juiste mentaliteit en gif. Grinta, zoals ik dan noem. Ik vind dat mooi om te zien."
De Jong vertelt de speelsters graag over zijn eigen carrière, maar deelt hen als mentor ook lessen. "Kijk altijd naar de volgende tegenstander, als team en speelster. Wie kruis je? Je moet niet wachten op een trainer die het voor jou gaat uitleggen. Maar ze zijn heel professioneel. Dat doet mijn hart goed."
De professionaliteit is niet het enige wat De Jong bij de Oranjevrouwen is opgevallen. "Ook de energie, de honger en de bezieling. Ze denken heel erg na over de erfenis die ze willen achterlaten. Ze weten dat hun carrière een keer over is en dat ze iets moeten achterlaten voor de volgende generatie."
"Ze weten dat er nog stappen moeten worden gemaakt in het vrouwenvoetbal. Daardoor zie ik elke dag honger en gedrevenheid, of het nou op het trainingsveld of bij een spelletje in het hotel is. Die gedrevenheid is ongekend."
Maar daar stopt voor De Jong ook wel de vergelijkingen tussen mannen en vrouwen. "Het is niet eerlijk om beide werelden met elkaar te vergelijken", vindt hij. "De financiële belangen zijn anders."
"Je moet kijken vanuit het perspectief van het vrouwenvoetbal. Waar waren we en waar zijn we nu? De sport wordt professioneler. Het beginnen meer en meer atleten te worden. Dat zie je ook bij ons in het team."
Als befaamd toernooivoetballer weet De Jong als geen ander wat er voor nodig is om succesvol te zijn. "We zijn nu al acht weken onderweg en bijna twee maanden van huis. Het is niet niks om dan nog steeds de focus te hebben en steeds scherp te zijn. Je kan niet hebben dat iemand buiten de boot stapt. Dan gaat het vaak mis. Dat heb ik zelf ook meegemaakt. Dat is vervelend."
Bij Oranje zit dat wel goed. "Ik denk dat we heel tevreden mogen zijn over het spel en de saamhorigheid. Dat laatste uit zich ook op het veld. Dat gaat niet altijd met mooi spel, dat hoeft ook helemaal niet vind ik. Het gaat om de winst en het halen van de volgende ronde."
"Dat gebeurde ook in de afgelopen wedstrijd tegen Zuid-Afrika. Maar als je ziet hoe ze samen spelen, hoe ze bepaalde activiteiten met elkaar doen en nadenken over de doelen die ze op dit WK willen bereiken, kan ik als technisch directeur alleen maar tevreden zijn."
Als voetballer is De Jong nog niet tevreden. De zilveren (2010) en bronzen (2014) WK-medaille zou hij "met spoed" inleveren voor "één gouden plak". "Nummer één is voor mij altijd het ultieme doel en dat heb ik tot op de dag van vandaag nog."
Nigel de Jong zegt het beruchte cricketveld met de "kneiterharde" plaat in Tauranga niet te zijn opgestapt als hij voetballer was hij geweest. "In principe had ik als voetballer niet op een cricketveld getraind. Als ze hem hadden omgeturnd tot een voetbalveld, misschien wel. Het is vervelend dat het is gebeurd. Dit willen we na het WK gaan bespreken met de FIFA."
Log in of registreer gratis op NU.nl en krijg toegang tot extra artikelen
Source: Nu.nl sport