Hij weerstond de neiging om zijn koffer in te pakken en naar huis te reizen. Maar Hoogland had er na zijn roemloze aftocht in de achtste finales van de sprint - het koningsnummer op de baan - wel flink de balen in.
"Ik heb zaterdag echt een rotavond gehad", zegt de dertigjarige Nijverdaller. "Ik probeerde wat afleiding te zoeken, door filmpjes te kijken en vrienden en familie te appen dat ik er niet zo lekker in zat. Maar ik dacht vooral: shit, wat ga ik nou doen?"
Hoogland is al jaren een van de beste baansprinters ter wereld. In 2019, 2020 en 2021 stond hij in de WK-finale van het individuele sprinttoernooi, waarin hij steevast verloor van Harrie Lavreysen. Dat hij nu niet eens de kans kreeg op een duel met zijn ploeggenoot, en op zijn eerste wereldtitel op dit onderdeel, deed veel pijn.
"Maar als je een heel sterke topsporter bent - en ik durf te denken dat ik dat ben - dan schakel je na zo'n teleurstelling snel weer om", zegt Hoogland. "Opgeven is geen optie, dat zit niet in me. Dus ik heb de knop omgezet naar mijn volgende wedstrijd, de kilometer tijdrit."
Hoogland klaagde vrijdag na de Nederlandse wereldtitel op de teamsprint al over zijn vorm. De sof in het individuele toernooi bevestigde dat hij de power miste die je nodig hebt voor de explosiefste inspanningen. Helemaal onverwacht was dat niet. Hoogland heeft sinds de Spelen van Tokio de ruimte gezocht én gekregen om wat andere dingen te doen.
Maar op de kilometer tijdrit, het niet-olympische onderdeel waarop hij drie keer wereldkampioen was geweest, ging het dinsdag meteen verrassend goed. In de kwalificaties deed hij 57,971 seconden over de 1.000 meter met staande start. Daarmee was hij maar een fractie langzamer dan zijn eigen wereldrecordtijd op zeeniveau: 57,813.
"Ja, wat een bijzonder verhaal, hè?", zegt Hoogland met een lach. "Ik stond voor een uitdaging en daar ben ik vol voor gegaan. In die kwalificatie heb ik al alle agressie gebruikt die ik in me had. En die race zorgde voor veel vertrouwen."
In de finale was Hoogland weer duidelijk de snelste. Met een tijd van 58,222 hield hij de Australiërs Matthew Glaetzer (58,526) en Thomas Cornish (58,822) ruim van zich af. "Moet je nagaan", zegt de Nederlander. "Ik mag hier flink wat klagen, maar ondertussen ben ik bij deze WK al twee keer wereldkampioen geworden."
Na zijn vierde wereldtitel op de kilometer tijdrit heeft Hoogland direct al een volgend doel. Op 31 oktober wil hij op de hooggelegen baan in het Mexicaanse Aguascalientes het wereldrecord op de 1.000 meter aanvallen. De toptijd staat al sinds 2013 op naam van de Fransman François Pervis (56,303).
Het lijkt niet het ideale moment, minder dan een jaar voor de Olympische Spelen van Parijs. Maar dat ziet Hoogland totaal anders. "Ik was na Tokio die nieuwe olympische cyclus eigenlijk even helemaal zat. Ik zocht daarom heel erg naar een nieuwe uitdaging om überhaupt in gang te schieten. Samen met bondscoach Mehdi Kordi ben ik gaan bedenken wat mij zou kunnen motiveren om er in Parijs toch weer een stapje bij te doen."
Dat wordt dus een wereldrecordpoging. Die moet Hoogland helpen om volgende zomer in de Franse hoofdstad op de sprint en keirin partij te kunnen bieden aan Lavreysen. Want de Brabander heeft de afgelopen twee jaar flink wat afstand genomen op die individuele onderdelen.
"Ik heb Harrie in de trainingen los moeten laten. Hij was na Tokio geen realistische sparringpartner meer, omdat ik dan elke keer op mijn flikker zou krijgen. En dat motiveert niet echt. Daarom had ik nieuwe prikkels nodig. De drive om bij Harrie aan te haken, is er zeker nog. Ik ga heel hard aan de bak. Alles doen wat nodig om in Parijs individueel een medaille te halen."
Daan verslaat het 'Super WK' wielrennen voor NU.nl vanuit Glasgow. Lees hier meer verhalen van Daan.
Source: Nu.nl sport