Ga een keer een hele dag naar Papendal, zegt directeur topsport André Cats van NOC*NSF. Grote kans dat je na afloop geïnspireerd zult zijn door de 450 topatleten die rondlopen op het sportcentrum in de bossen even buiten Arnhem. "Wij hebben de opdracht om die positieve kant van topsport te laten zien", vindt hij. "Maar er gaan daar ook dingen fout, dat klopt."
Er is de afgelopen jaren veel aandacht geweest voor verhalen over misstanden in de topsport. Het bekendste voorbeeld is een onderzoek in het turnen, dat concludeerde dat vernedering, intimidatie en beledigingen regelmatig voorkwamen en dat er sprake was van een angstcultuur.
De verhalen waren twee jaar geleden voor toenmalig staatssecretaris Paul Blokhuis van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aanleiding om opdracht te geven voor een grondige analyse van de Nederlandse topsport. "Wat is een gouden medaille op de Olympische Spelen waard?", vroeg de inmiddels vertrokken bewindsman van de ChristenUnie zich af.
Marjan Olfers (hoogleraar Sport en Recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam) en Anton van Wijk (criminoloog en psycholoog bij onderzoeksbureau Verinorm) deelden donderdag in Nieuwspoort in Den Haag de eerste bevindingen van hun grootschalige onderzoek. Ze kwamen nog niet met stevige conclusies of aanbevelingen. Die volgen pas eind volgend jaar, als het onderzoek volledig is afgerond.
Duidelijk is al wel dat de bonden en NOC*NSF positief zijn over het werk van Olfers en Van Wijk. "Topsport zal altijd blijven gaan over medailles winnen. Daar moeten we niet geforceerd van weg proberen te lopen", zegt Cats. "Maar het is heel belangrijk om een gezonde balans te vinden tussen presteren en een mooie en positieve topsportcultuur. En dit gedegen en breed gedragen onderzoek zal ons daar zeker over aan het denken zetten."
Olfers en Van Wijk benadrukken dat ze géén onderzoek doen naar grensoverschrijdend gedrag. Toch was het onvermijdelijk dat de onderzoekers door hun vragenlijsten, interviews en observaties mogelijke misstanden zouden ontdekken. "Er komt bij alle bonden die we tot nu toe hebben onderzocht in meer of mindere mate grensoverschrijdend gedrag voor", zegt Van Wijk.
Het opvallendst zijn de uitkomsten bij de Nederlandse judobond JBN. Volgens de onderzoekers is er in het judo sprake van een "harde cultuur" en "verbaal seksueel grensoverschrijdend gedrag". Concrete cijfers willen ze nog niet geven, maar duidelijk is wel dat vooral vrouwelijke judoka's te maken hebben gekregen met seksueel getinte opmerkingen van mannen.
Daan schrijft onder meer over sport en maatschappij. Lees hier meer verhalen van Daan.
JBN-voorzitter Tessa Brouwer zei in Den Haag dat ze niet verrast is door deze resultaten. "We hebben ons aangemeld voor dit onderzoek omdat er signalen waren van grensoverschrijdend gedrag. Daarvoor is nergens plaats, dus ook niet binnen onze organisatie. We vonden het een goed idee om de signalen eerst te onderzoeken en daarna te kijken welke stappen moeten volgen."
Brouwer kon nog niet vertellen wat voor maatregelen de judobond gaat nemen. "We hebben deze bevindingen ook pas net gehoord, dus die gaan we eerst bestuderen en bespreken met de sporters en coaches. We willen niet vooruitlopen op de uitkomsten, maar laat het duidelijk zijn dat we niet stilzitten. Elke negatieve ervaring is er een te veel, dus we gaan hier wat mee doen."
Onderzoekers Marjan Olfers en Anton van Wijk willen uiteindelijk ook topsporters vergelijken met de rest van de Nederlandse bevolking. Op basis van de eerste resultaten lijken sporters minder snel emotioneel te worden dan de gemiddelde Nederlander.
Van Wijk: "Sporters kunnen hun emoties aan de kant zetten om hun doel te halen. Daar zit ook een keerzijde aan. We merken in onze gesprekken dat sporters zich niet snel kwetsbaar durven opstellen, omdat ze dan 'zwak' zouden overkomen."
Het voorbeeld van de judobond illustreert een van de belangrijkste doelen van de onderzoekers. "Er is nog nooit goed onderzocht wat je als sportbestuurder precies kan beïnvloeden", zegt Olfers. "Hopelijk krijgen we door dit onderzoek eindelijk wetenschappelijke kennis over de knoppen waar ze aan kunnen draaien."
Die knoppen kunnen relevant zijn voor Cats, die momenteel met NOC*NSF druk bezig is met het bepalen van de Nederlandse topsportstrategie vanaf 2025. Het is zeker dat de stevige sportieve ambitie - structureel bij de beste tien sportlanden ter wereld horen - niet snel zal veranderen.
"Sport zal altijd gaan over presteren. Over: hoe spring je hoger, ren je harder of zwem je sneller dan je tegenstander", zegt Cats. "Maar tegelijkertijd gaat sport over goede mensen afleveren aan de maatschappij. Mensen die succesvol en gelukkig zijn in de rest van hun leven. We gaan zeker meer aandacht besteden aan die maatschappelijke waarden van de topsport."
Cats benadrukt dat NOC*NSF en sportbonden al langer prioriteit geven aan dit onderwerp. "We hebben dit onderzoek niet nodig om nog meer aangejaagd te worden. Maar ik ben natuurlijk wel heel benieuwd naar de uitkomsten."
Source: Nu.nl sport